Burgemeestersbuurt

Tussen de Bredaseweg, de Zouavenlaan en de Vierwindenlaan zijn de straten genoemd naar burgemeesters. Dat is in de meeste gevallen overduidelijk, zoals bij de Burgemeester Suijs- en de Burgemeester Jansenstraat. Maar in de wijk ligt ook het Drossaard van der Willigenhof en de Schout Backstraat. Mag je deze heren ook onder de burgemeesters scharen?

 Burgemeester

In de gemeentewet van 1851 is de inhoud het ambt van burgemeester geregeld. De eerste burgemeester ­van wie de functie vrijwel overeenkwam met de huidige was Suijs, die overigens al in 1849 was benoemd. Daarvóór hadden steden zoals Tilburg sinds het ontstaan van het koninkrijk (1815) wisselende regelingen. Enige tijd waren er zelfs drie uit en door de gemeenteraad gekozen burgemeesters, die om de beurt een jaar voorzitter waren van college en raad. Nog eerder, in de tijd van de Republiek der Verenigde Nederlanden, waren de taken en bevoegdheden van de huidige burgemeester hier verdeeld over twee functionarissen: de schout of drossaard en de president-schepen. We kenden toen ook al wel burgemeesters, maar die waren te vergelijken met de latere gemeenteontvangers. Telkens met zijn tweeën beheerden die de financiën van het dorp Tilburg en legden daarover dan in  hun rekeningen verantwoording af.  De gemeentewet bepaalt dat de burgemeester door de Kroon wordt benoemd op voordracht van de Commissaris van de Koningin.

image0023Van de Mortel

De belangrijkste straat in de wijk is het Burgemeester Van de Mortelplein, evenals de Burgemeester Van de Mortelstraat genoemd naar Jan C.A.M. van de Mortel (1880-1947).
Mr. Jan Christiaan Alphonse Maria van de Mortel werd geboren te Tilburg op 19 juli 1880 als zoon van een notaris. In 1907 vestigde hij zich in zijn geboortestad als advocaat en procureur.

Van 1910 tot 1919 was hij griffier bij het kantongerecht, sinds 1911 gemeenteraadslid en van 1916 tot 1939 lid van Provinciale Staten .

Op 2 september 1919 werd hij gekozen tot wethouder van de gemeente Tilburg, welke functie hij tot 1940 bleef vervullen. Op 11 januari van dat jaar werd hij benoemd tot burgemeester van Tilburg. Op 12 juli 1944 werd hij met onmiddellijke ingang door de Duitsers uit zijn ambt gezet en een paar dagen later werd Ir. H. Hondius benoemd tot waarnemend burgemeester. Van de Mortel werd gegijzeld in St. Michielsgestel en Vught. Op 27 oktober 1944 bij de bevrijding van onze stad door de geallieerden, werd hij terstond in zijn functie hersteld. Wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd legde hij op 15 januari 1946 zijn ambt neer. Kort daarna overleed hij te Tilburg op 21 december 1947. Hij werd als burgemeester opgevolgd door E. baron van Voorst tot Voorst.

Geëerd

In de uiterst moeilijke bezettingsjaren heeft Van de Mortel zich als burgemeester een zeer tactvol diplomaat en een geboren regent getoond, waarvoor hij met drie hoge onderscheidingen is geëerd. In het plantsoen van het Burgemeester Van de Mortelplein werd in 1958, uit dankbaarheid voor de wijze waarop hij de stad in de moeilijke jaren van oorlog en onderdrukking had geleid en beschermd, een door Albert Termote vervaardigd bronzen beeld van Van de Mortel geplaatst.

Bronnen:
Ronald Peeters, De straten van Tilburg (Tilburg, 1987).

Gerard Steijns, Tilburgse Scheurkalender, 2007.